De Noodzaak voor een Nationale Strategie voor de Aanpak van de Corona Virus Pandemie

De Noodzaak voor een Nationale Strategie voor de Aanpak van de Corona Virus Pandemie

An English language version of this article you can find here.

Het is noodzakelijk dat nationale regeringen zo snel mogelijk een nationale strategie formuleren om de corona virus pandemie en de gevolgen daarvan integraal aan te pakken, met een visie op de lange(re) termijn.

In dit artikel leg ik de noodzaak van een dergelijke aanpak uit, wat de doelstelling van zo’n strategie zou kunnen zijn, en bespreek ik enkele een aantal aandachtspunten.

Ik richt mij op een Nederlandse nationale strategie voor de bestrijding van de corona pandemie en de gevolgen daarvan. Echter, een dergelijke aanpak zou niet uniek moeten zijn voor ons land. Internationale samenwerking is cruciaal, voor het welslagen van nationale strategieën, voor de aanpak van deze pandemie en de gevolgen daarvan.

Harmonisatie van nationale strategieën draagt bij aan de effectiviteit en doelmatigheid: Een Nederlandse strategie moet integraal onderdeel zijn van een Europese strategie en aanpak.

Een strategie biedt ook aan de Nederlandse samenleving een helder perspectief, en een concreet vooruitzicht waar gezamenlijk aan gewerkt kan en moet worden.

Doelstelling van deze strategische aanpak is om een integrale lange termijn aanpak te formuleren voor de bestrijding van de corona virus pandemie en de gevolgen daarvan. Negatieve gevolgen en schade moeten worden geminimaliseerd, en normalisering van de Nederlandse samenleving worden gestroomlijnd en bespoedigd. Dat gaat niet vanzelf. Als dat niet goed gebeurt gaan er dingen fout.

De hoofddoelstelling van de strategie voor Nederland is om de samenleving weer zo snel mogelijk te normaliseren, terwijl adequate medische zorg gewaarborgd moet zijn en blijven, om het aantal slachtoffers van de pandemie te (blijven) minimaliseren. Waarborging van die zorg en beperking van risico’s zijn randvoorwaarden; daar wordt dus niet aan getornd.

Het is mogelijk om drie fasen te onderscheiden:

I. Eerste respons. Bestrijding van de directe effecten van de pandemie. Hierbij ligt de focus op het organiseren (opschalen) van de medische zorg en bestrijding van de directe effecten daarvan, inclusief financiële en economische nood bij burgers en bedrijven. Er wordt gehandeld op basis van een noodplan. Zo snel mogelijk moet een nationale strategie en bijbehorend plan worden opgesteld. Deze eerste respons krijgt nu steeds meer en beter vorm; een element van trial and error is in deze fase onvermijdelijk. Zo lang we leren en aanpassen gaat het de goede kant op. We bevinden ons nu in deze fase. Maar een volgende stap moet worden gezet.

II. Overgangsfase. Tot het moment dat de bevolking volledig is gevaccineerd is sprake van een overgangsfase. De medische zorg en de organisatie daarvan worden steeds meer gestabiliseerd, gedurende deze fase. Maar de kust is nog niet veilig, zogezegd; dat is pas het geval als iedereen gevaccineerd is. Met inachtneming van de hoofddoelstelling kan de samenleving al wel (in ieder geval deels) worden genormaliseerd. Waar mogelijk en zinvol worden sociale en economische activiteiten hervat. Dat moet ook worden nagestreefd. Normalisatie moet gecontroleerd gebeuren. Deze overgangsfase, waarbij een deel van de bevolking nog steeds kwetsbaar is voor infectie, kan ruim een jaar duren.
Cruciaal is dat (nieuwe) besmettingen nauwkeurig in kaart zijn en worden gebracht; continue monitoring is nodig. Daartoe moet voortdurend getest worden en is mogelijk een track and trace systeem noodzakelijk; dan kan een mogelijk risico van een uitbraak worden onderkend en beheerst, door snel optreden. De aanpak van Taiwan en Zuid-Korea kunnen als voorbeelden dienen, althans tot zekere hoogte.

III. Volledig herstel. Afhankelijk van de beschikbaarheid van een vaccin zou deze situatie op zijn vroegst in de tweede helft van 2021 kunnen worden bereikt. Daar lijkt het nu op.

Bij een dergelijke nationale strategie gaat het niet alleen om de lange(re) termijn, maar ook om een integrale aanpak. Alle sectoren van de overheid, bedrijfsleven en samenleving zijn onderdeel van en betrokken bij dit plan. Dat is nodig om snel resultaten te kunnen boeken en draagvlak te creëren. Er moet een nationale task force komen, die verantwoordelijk is voor strategieformulering, en de bewaking van de uitvoering daarvan. De resultaten en gevolgen moeten frequent worden geëvalueerd, dan kan indien nodig worden bijgestuurd.

Onderscheid kan worden gemaakt tussen een strategisch plan (lange termijn, drie jaar), middellange termijn (deel) plannen (1-3 jaar), en concrete operationele plannen (tot een jaar).

Met het oog op effectiviteit en doelmatigheid, moeten deze plannen worden ingebed, in bestaande (overheids)structuren, zoals de rijksoverheid, provinciale en gemeentelijke overheden en diensten. Bureaucratisering en verstarring moeten worden voorkomen. Voor de overheid liggen hier ook kansen.

De oorzaak van de pandemie en de gevolgen daarvan moeten worden geëvalueerd. Er valt veel te leren. Ook laat deze crisis zien wat onze kwetsbaarheden zijn als het bijvoorbeeld gaat om kritieke middelen in geval van een crisis (bijvoorbeeld in deze crisis, beademingsapparatuur en mondkapjes), waarbij wij geen controle (meer) hebben over productie en distributie. Dit ‘denken’ moet ook worden geïntroduceerd voor de aanpak van andere crises die zich zouden kunnen voordoen. Ik kan er een paar noemen.

Ik heb al gewezen op de internationale dimensie van deze crisis, en de noodzaak voor internationale samenwerking. Er zijn nog andere en meer internationale aspecten waar wij mee te maken krijgen, zoals de grote kwetsbaarheid van vluchtelingen. Daar ligt voor ons ook een verantwoordelijkheid.

Verder zal blijken dat deze pandemie ook een aantal verregaande consequenties kan hebben, waar rekening mee moet worden gehouden : waarschijnlijk een wereldwijde recessie (zelfs depressie), en meer internationale politieke spanningen, terwijl juist nu het internationale systeem zo kwetsbaar is.

Deze crisis biedt ook kansen, laten we die niet verspelen.

Een aparte studiegroep moet zich buigen over de vraag hoe het normalisatie- en transformatieproces (Fase II) dat nu plaatsvindt, kan worden gebruikt om andere noodzakelijke ontwikkelingen te bespoedigen, zoals de transformatie naar een veel groenere samenleving en economie.